Californië

bierstadt

In 1874 schilderde Albert Bierstadt, een van de eerste-generatie immigranten naar Amerika, in Californië de grote Redwoods, de sequoioideae of sequoia. Zijn werk hoort tot de “Hudson River School”, de vroeg-amerikaanse romantiek — waarbij we bij rond vroeg-amerikaans een paar aanhalingstekens moeten plaatsen, gezien de geschiedenis van het continent. Thomas Cole, de stichter van die schildertrant, was een Brit, en bracht de engelse Romantiek naar het voor de settlers nieuwe continent. De in Solingen geboren Bierstadt legde er met zijn op de duitse Romantiek geïnspireerde schildertrant nog een schepje bovenop.

Een enkele boom op Bierstadt’s schilderij was eind 19de eeuw al zo groot dat mensen bij zware regens konden schuilen in de stam, rechtop staand. In het onderstaande blog lezen we dan ook dat ze vuurtjes stookten in die stammen, om ze nog verder uit te hollen en er min of meer in te kunnen leven, althans slapen.
Bierstadt schilderde hier de oorspronkelijke bevolking van deze streek: van 1821 tot 1846 stond de staat onder mexicaans bewind, na de europeaanse bontjagers, de spaanse overheersing, en de russische aanwezigheid. Tot 1850 leefden nog 12 verschillende indigene bevolkingsgroepen in de Redwood-bossen langs de kust, daarna kwamen Bierstadt en de noordamerikaanse kolonisten.

Het genoom

Lorraine Dechter van Action News Now had op 30 juni 2018 een artikel waarin onderandere gemeld werd dat de Senaat van Californië 2018 tot “jaar van de Redwoods” had verklaard.
Lorraine kondigde ook aan dat er een tv-uitzending zou komen over de manier waarop het genoom van deze bomen in kaart gebracht is. Misschien wordt die uitzending ook wel aangekocht door tv-zenders aan deze kant van de eendenvijver.

Advertenties

Gauguin in de aandacht

gauguin wave 1888
Nu Jeroen Krabbé begonnen is aan zijn tv-serie over Paul Gauguin viel de afbeelding van een doek van deze schilder extra op.
Uit de boedel van de Rockefeller-familie, die rond 10 mei bij Christie’s werd geveild, viel Gauguin’s “golven” op dat hij schilderde in 1888, het jaar waarin hij een tijd doorbracht met Vincent van Gogh in Arles. Van Gogh schilderde Gauguin als de man “met de rode baret”, en Gauguin schilderde de kustlijn, voor of na zijn verblijf bij Van Gogh, met een stukje landmassa zo rood als een kroot, en een paar schetsmatig aangebrachte mensjes op de grens tussen land en water, waarbij je je mag afvragen of ze vluchten voor de de aanstormende golven, of gewoon aan het spelen zijn.

Gauguin wilde, zegt een biografie, “de ziel van de natuur” vastleggen, toch in een poging om zich af te wenden van het impressionisme. Niettemin gaat de aandacht van de kijker hier in eerste instantie naar de twee mensjes die als op een klassiek chinees naturalistisch werk bijna in het niet vallen in vergelijking met de overweldigende natuur.

De pogingen van Gauguin om die ziel van de natuur te pakken is naar mijn mening nooit geslaagd; zijn krachtigste werk toont mensen, en wel als raadselachtige wezens die niets prijs geven van wat hen bezighoudt, of in wier gemoed de schilder niet weet door te dringen — voor zover een mens dat ooit helemaal kan.
Allebei de kunstenaars, Van Gogh en Gauguin, waren zo ongelukkig als wat, en ik wil er van uitgaan dat het rood van de baret, en dat van de kustlijn een onbewuste uiting was van een gemoed in tumult.

Eluard en het zen

Bij zennis lijkt het gedicht Liberté van Paul Eluard nogal wat indruk te hebben gemaakt; er wordt over geblogt, en ook de schoolkinderen in de “hexagoon” zullen het als verplicht werk moeten lezen en/of uit het hoofd leren. Maar voor zover bekend heeft deze dadaïst (een kunststroming uit het begin van de 20ste eeuw) het nooit over zen, laat staan het boeddhisme, gehad. En toch moet hij over zen gehoord of gelezen hebben, want in zijn gedicht dat begint met de regel vinden we een

Ne dites pas sur un chemin de pierre

Si tu heurtais mon front
Tu rejoindrais l’immensité à tête d’épingle:
“Zeg, gaande op een steenweg niet


Zou je met mij in aanraking komen
Dan zou je meedelen aan die oneindigheid ter grootte van een speldenknop.”

Excuseer de beroerde vertaling, maar het thema is duidelijk: Eluard heeft iets gelezen over “het hele universum op de punt van een speld”.
Het gezegde verwijst naar het concept sunyata (noot 6), de realisering dat uiteindelijk, wanneer we tot de kern van de redenering over “zijnden” zijn aanbeland, er niets is dan het zwarte gat dat alles opslokt en niets laat ontsnappen.
Dat is geen enge, zwartgallige constatering, maar simpelweg de realisering dat — kijk naar die dans van stofdeeltjes op een kolom licht die door het raam valt — er niets vastigs, niets blijvends, niets permanents is dan alleen dat. Ware er wel iets vastigs, iets blijvends, iets onveranderlijks, in of aan ons, dan zouden we niet kunnen evolueren, dan zouden we altijd dezelfde blijven en geen enkele inspanning hoeven te doen om een vollediger mens te worden, het zou toch allemaal voor niets zijn. Het realiseren van het begrip sunyata (spreek: soenjataaa) bevrijdt ons van die status quo. Voortgang is mogelijk.

Nu was Eluard wel een van die dichters die vrij met zijn materiaal omging; wat hij vond moest binnen zijn kaders passen, en niet andersom. Dus dat hij zich in dit werk de oneindigheid waande die zijn sunyata meedeelde aan wie hem maar ontmoette, zullen we maar onder de dichterlijke overdrijvingen scharen, hoewel, tot het gaatje geredeneerd, wat wel moet, want anders komen we er niet uit. Maar of de goede Paul tot het gaatje heeft geredeneerd, we weten het niet.

Ecologie

ade adesina

In het midden van een aangeharkte stedelijke omgeving, Dubai, de hollandse windmolen en de skyline van Londen op de achtergrond, en in het centrum van keurig aangeharkte plantages, plaatst Ade Adesina een eeuwenoude babobab, en boven die baobab schildert hij een mirage, een oceaan met kelp en vissen, de wereld op zijn kop.
Het is een heel krachtig beeld. Er gaat niet veel hoop van uit, tenzij Ade’s voorspellende droom als waarschuwing gaat worden gezien, en de aanstormende jonge ecologen, planologen en anderen er in slagen in te grijpen en het wiel van vernietiging tot staan weten te brengen. Alles wijst er op dat hen dat gaat lukken, maar wel op het moment dat dit wiel op de rand van de klip staat en in de afgrond dreigt te storten.

Theekommen

kohei nakamura

Ippodo Gallery in New York opent een dezer dagen een tentoonstelling met werk van onderandere Keiji Ito, Hiromi Itabashi, Kohei Nakamura, Kyusetsu Miwa XII, Chozaemon Ohi XI, Tetsu Suzuki, en Shiro Tsujimura.
Wanneer we kijken naar wat ze maken op het gebied van theekommen, dan valt toch op hoe weinig ontwikkeling er is in de keuze van materialen, vormen, en technieken (raku). Het blijft stijlvol, maar een geringe vernieuwing zou toch een verademing zijn. Alleen Kohei Nakamura laat een theeset zien dat in decoratie enigszins van het bekende pad afwijkt.

Bali

Het is toch van belang het af en toe over de woorden en beelden te hebben die buitenstaanders op het boeddhisme loslaten zodra ze er iets van zien of over horen, om dan het geleerde of geziene te beschrijven met gebruikmaking van de terminologie uit de eigen levensbeschouwing of religie — uiteraard; dat er andere levensbeschouwingen zijn dan het christendom op het westelijke halfrond, en het jodendom en de islam meer naar het oosten, is immers nog steeds grotendeels onbekend. Nog in 2002 had een met vluchtelingen werkende ambtenaar nog nooit van boeddhisme gehoord — en deed navraag bij een katholiek priester — want die boeddhisten zelf gaan je bekeren, en dan ben je voor de rest van je leven van de leg af.

Zo heeft Creative market bij een leuke foto, die gekocht kan worden, een onderschrift dat luidt: “Sacrifice oblation, traditional offerings for Gods in Buddhist temple, Bali.”

280318

Voor wat betreft “sacrifice oblations“: Op mijn engelstalige blog wordt uiteengezet dat een begrip als zelfopoffering (sacrifice) geen boeddhistisch begrip is. Ook de bijdrage onder de titel Pity and martyrdom geeft aan dat “offering” (sacrifice) als “opoffering” problematisch is in het licht van het boeddhistische denken. We hebben het liever over geven (dana). Dana is een woord uit het Sanskriet en aanverwante talen en dialecten zoals het Pali.

Voor wat betreft “Gods” is een en ander nog problematischer. In het Kleine Voertuig (theravāda) worden porties van het eigen voedsel symbolisch aangeboden aan Boeddha — die geen god is. In het (oostaziatische) Grote Voertuig gebeurt hetzelfde, plus een eveneens symbolische aanbieding van voedsel aan de bodhisattvas en welke andere levende wezens dan ook die honger hebben. Eventuele “goden” daarentegen zorgen maar voor zichzelf, voorzover goden eten, natuurlijk.

Natuurlijk is zo’n symbolische offering niet “echt”. Zelfs, of zeker, boeddhisten maken gebruik van allegorieën, sprookjes, sterke verhalen, e.d., alles met het doel om bepaalde gewenste levenshoudingen vast in het bewustzijn te vestigen, in dit geval dus gulheid resp. hulpvaardigheid.

Of op het fototje sprake is van “Buddhist temple, Bali“, is onwaarschijnlijk. Bali is voor het merendeel een hinduïstisch eiland. De een of twee boeddhistische tempels op Bali leggen voedselofferandes niet neer op de plint van een verlaten tempel, maar binnenshuis, op een speciaal daarvoor ingerichte plek, wellicht met uitzondering van de grootste bijeenkomst in het jaar die in mei gehouden wordt. Dan kiest men een plek in de open lucht opdat zoveel mogelijk mensen deel kunnen nemen.

Nieuwe .nl-uitgang

Stichting White Jade River, instituut voor boeddhisme (KvK nummer 20138036)
Boszicht 56
4462BJ Goes (Nederland)
infowjr@yahoo.nl
whitejaderiver@gmail.com

Van http://www.buddha-dharma.eu naar http://www.buddha-dharma.nl

Met het hostingbedrijf waar de website http://www.buddha-dharma.eu was ondergebracht gaat het niet goed. De server waarop de site geplaatst is, is “uit de lucht” en als gevolg is de site onzichtbaar. Dat gaat niet op korte termijn goedkomen.

Er is daarom bij een ander hostingbedrijf een site geregistreerd onder de titel http://www.buddha-dharma.nl. Voorlopig, tot 1 februari 2018, staan hier alleen de doorklikken naar de meest belangrijke archieffiles die zijn samengebracht op de overzichtspaginas ARCHIEF, en CANONIEKE TEKSTEN.

De nieuwsrubriek komt binnenkort weer op gang onder http://www.buddha-dharma.nl
Voorlopig zijn een aantal artikelen geplaatst op mijn Facebookpaginas BOEDDHISME MAAND NA MAAND, en RÁTANA SIFU (dat ben ik).

Verder blijven beide blogs bereikbaar: TULPEN EN TEMPELS, en WORDS IN PICTURE.

De doorklik naar deze twee Facebookpaginas en twee blogs zijn te vinden op de voorlopige voorpagina van http://www.buddha-dharma.nl
De website is nu ondergebracht bij hostingbedrijf iXL.