Han-tombes in Henan – 2

luoyang

Fernand Buckens bevond zich in China op het moment dat de oude op een starre neo-confucianistische leest geschoeide chinese samenleving uit elkaar aan het vallen was. Al aan het eind van de 18de eeuw waren er volksoproeren, maar de Boxer-opstand van 1900 die door de straten van Shanghai raasde heeft blijkbaar de provincies niet bereikt, althans niet in die mate dat westerse werknemers en onderzoekers werden verjaagd.

Als een opmaat naar de grote burgeroorlog tussen nationalisten en communisten braken in 1910 in de provincie Henan voedselopstanden uit, en in de provincie Sichuan was er in 1911 de “beweging voor de bescherming van de spoorwegen”, een massale opstand die na veel ander oproer leidde tot een nationaliseren van alle spoorlijnen. Voor die tijd, in 1909 nationaliseert China al het samenwerkingsproject tussen België en China, de spoorlijn Peking-Hankow. (“België en zijn buitenlandse politiek 1830-2015”, Rik Coolsaet). Andere door andere westerse mogendheden gebouwde en gefinancierde spoorlijnen volgen snel.

In die situatie, waarin China het bewind heeft over alle spoorlijnen, lijkt voor Fernand Buckens de toekomst in China rustig en gemoedelijk te gaan worden. Weinig heeft hij kunnen voorzien dat er in 1911 volksopstanden in Sichuan en Henan zouden uitbreken, en dat in 1919 de literati in opstand kwamen tegen de oude garde, met alle wensen tot een vernieuwen van taal, cultuur, en politieke gezindheid van dien. (Bianco [1])

Vanaf 1920 verscherpen zich de tegenstellingen tussen nationalisten en communisten (Bianco). Het volgende jaar, 1921, zien we Buckens terug in Brussel, maar lang zal hij daar niet blijven. Tegen het eind van zijn stuk over de Han-tombes(2) vinden we de opmerking dat hij te weinig tijd heeft om nog dieper in te gaan op de aan de “Musées royaux du Cinquantenaire” geschonken grafbeeldjes, die hij overigens netjes had gekocht. Vanaf 1911 tot en met 1917 had hij zelf opgravingen verricht, of opgegraven tombes onderzocht in de regio rond Luoyang in Henan, en een enkele keer in de provincie Shandong.

We weten zelfs niet wanneer Fernand Buckens werd geboren en overleed, maar afgaand op wat hij schrijft moeten we er van uitgaan dat hij in 1921 tijdelijk in Brussel was (om zijn zoon op het internaat te doen?) en weer terug zou varen naar China of elders, met of zonder een ploegje spoorweg-ingenieurs — waarna er niets meer over deze arts-cum-archeoloog/anthropoloog wordt vernomen, althans niet in de openbaarheid.

Morgen verder

(1): Lucien Bianco, “les origines de la révolution chinoise, 1915-1949”, Gallimard 1967)

(2): “Les antiquités funéraires de Honan”, Bulletin de la Société d’anthropologie de Bruxelles, Tome XXXVI, 1921, pp. 59-164

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s