Karavaanleiders

By the way, in dit deel van zuidwest Nederland hadden op de ochtend van 23 april 2016 de populieren plotseling het eerste lichtbruine blad van het jaar. Nog een paar dagen, dan is het groen, en gewoon.

steve mcCurry camels in dust storm jaisalmer india 2010

Het bruin van het populierenblad is exact dat van deze woestijnfoto van Steve McCurry, een foto die hij in 2010 in de woestijn bij Jaisalmer, India maakte.
McCurry’s foto werd een paar dagen geleden getoond als de winnaar van een prijs, en niet onterecht. Niet alleen is ze voor wat betreft belichting en compositie bewonderenswaardig, maar wat het extra spannend maakt is het jong aan de voeten van de moeder-kameel. Het diertje is er bij gaan liggen,  het kon niet meer. Steve McCurry heeft daarmee een drama gefotografeerd waarvan we de afloop onmogelijk kunnen kennen.

De Djátaka, de Geboorteverhalen over de — verondersteld — vorige levens van Boeddha hebben twee vertellingen over karavaanleiders. De karavaanleiders in deze verhalen wordt de boeddhistische gemeente voorgehouden als rolmodel: ze hebben er voor te zorgen dat de karavaan: mens, dier en vracht, veilig gevaarlijke gebieden en woestijnen doorkomt.
Een van de vroege collecties van het mahāyana-boeddhisme, dat zich voorstelt als een uitbreiding van de vroege leerredes, herinnert eveneens aan die karavaanleider. In deze Avatámsaka soetra, het boek The Ten Dedications wordt de bodhisattva-mahāsattva, het Grote Verlichtende Wezen, voorgesteld als onderandere een karavaanleider: “Nooit laten ze goede werken na, en, ten behoeve van de wezens handelen ze als een goede karavaanleider, en brengen hen allemaal op de goede weg van vrede.”

Fotoreportage Gilgit-Baltistan

Syed Mehdi Bukhari, een ingenieur, dichter en fotograaf uit Pakistan, trok in het najaar zijn wandelschoenen aan en trok door het landsdeel dat Gilgit-Baltistan heet. Daar maakte hij prachtige fotos die The Dawn  (www.dawn.com/news/1176091/the-serenity-of-ghanche-of-mountains-rivers-and-valleys) van 19 april 2015 publiceerde. Ze zijn niet echt tepasselijk op het seizoen waarin we nu leven, maar te lang wachten met het doorgeven van de link kan als resultaat opleveren dat de pagina offline is. Dus nu toch maar.

Wie het zelfde pad als Syed Mehdi Bukhari wil betreden moet goed voorbereid zijn, met blarenproef tenen, en niet klagen omdat er geen hotels met warm bad langs de route liggen.

Het bericht in The Dawn viel op omdat in de Gilgit-streek de oudst bekende boeddhistische manuscripten van het toenmalige India zijn gevonden, met name in de streek die toen bij de deelstaat Jammu & Kashmir behoorde. Bij hun vertrek uit de regio, om wat voor reden dan ook, borgen de monniken ze op in houten dozen, kruiken en potten in verschillende grotten, met de hoop dat ze ooit weer in goede staat teruggevonden zouden worden.
Met name de vondst van de Lotus sutra (www.fom.sg/Passage/2014/05manuscripts.pdf)  werd met grote vreugde begroet. Het is geschreven in het soort Sanskriet dat boeddhisten aanpasten aan begrippen die eerder niet voorkwamen in de pré-hindugeschriften, het zogenoemde Hybride Sanskriet, en ze maakten gebruik van schriftsoorten zoals het Brahmi, een van die schriftsoorten die overigens niet meer gebezigd worden, we kunnen wel spreken van dode letters, om het zo te zeggen.

gilgit mss

Aan de vondsten in Gilgit kunnen we een beetje zien hoe in deze afgelegen streek het leven van monialen geweest moet zijn. Eerlijk gezegd, ze moeten zich doodverveeld hebben, zo zonder regelmatige bezoekers. Het resultaat van zo’n levenswijze is bij intellectueel georiënteerden bijna zonder uitzondering dat ze gaan schrijven, beeldhouwen of schilderen. Zo ook in Gilgit. Wat er gevonden is aan manuscripten moeten teksten zijn die de monnik eerder ergens anders hadden gememoriseerd — sutras reciteren is een van de praktijken van in ieder geval de professional boeddhist. Ze hebben ook de gelegenheid aangegrepen om teksten te vertalen of over te zetten naar andere  schriftsoorten. Er werden commentaren geschreven, er werd geherinterpreteerd en aangevuld, en er werden oorspronkelijke teksten gemaakt, teksten die nog niet eerder bestonden. De Lotus sutra (www.sacred-texts.com/bud/lotus/index.htm), behorend tot het mahayána, kan zo’n tekst geweest zijn, en zeker ook de idem Avatámsaka sutra (www.buddha-dharma.eu/Avatamsaka-soetra.html), die overigens elders langs de zijderoute ontstond.

Niet alle teksten die te Gilgit gevonden zijn behoren tot de mahayána-stroming van het boeddhisme; er zijn ook manuscripten die eerdere leerredes bevatten die rechtstreeks toegeschreven worden aan Sakya-muni of Gáutama, of Gótama Boeddha die ca 6-5 eeuwen voor onze jaartelling geboren werd in het meest zuidelijke deel van het huidige Nepal. Die manuscripten zijn dan overigens wel bewerkingen, of althans naar inhoud veelal enigszins afwijkend van wat het huidige theraváda, de verondersteld oudste stroming van het boeddhisme, heeft bewaard in de taal het Pali.

Hoe dan ook, wie het tot Gilgit-Baltistan schaft, komt daar de soort berkenboom tegen waarvan de bast in lang vervlogen tijd als tekstdrager fungeerde. Die tekststroken werden opgerold bewaard, en enkele zijn zo door de tand des tijds bewerkt dat het onmogelijk is geworden ze nog uit te rollen. Een deel van die Gilgit-manuscriten worden de Senior-rollen (www.buddha-dharma.eu/de-Seniorrollen-Schoyen-collectie.html) genoemd. Andere zijn soms van ouderdom uit elkaar gevallen, zoals de afbeelding toont; die zijn voorzichtig en zorgvuldig weer zodanig aan elkaar gelegd dat een en ander enigszins leesbaar is geworden.