Vairocana en de mandorla

Op 19 december toonde de Joong Ang Daily een foto van een uit ijzer vervaardigd beeld van Vairocana Buddha (ook op deze en deze pagina). Het beeld staat in de Bórimsa-tempel in Jangheung in de streek Zuid-Jólla (schrijf Jeolla) van Zuid-Korea. Het werd in het jaar 858 gemaakt.

18193911
Er zijn twee opvallende zaken aan dit berichtje. Ten eerste wordt hier gesproken over een ijzeren beeld. Dat is opvallend omdat het mahāyāna-boeddhisme zoals dat vanuit China naar Korea migreerde naar voor-boeddhistische opvatting geen voorliefde heeft voor de combinatie ijzer en tempel, c.q. boeddhabeeld, hoewel er, wellicht bij gebrek aan nobeler metalen, in China wel een paar oude boeddhabeelden uit ijzer zijn te vinden.
Het tweede opvallende is dat de auteur van het stuk over Nationaal Erfgoed 117 spreekt over een “mandórla“, een aureool dat achter het hoofd van het boeddhabeeld bevestigd zou zijn geweest, maar dat inmiddels zoek is.
Het komt voor dat in Korea, achter beelden van Vairocana Buddha, voorzover het een alleenstaand beeld is, zo’n aureool te zien is. Maar zodra op de achtergrond de menigte zichtbaar is die volgens de Avatámsaka soetra aanwezig is wanneer deze boeddha op zijn lotustroon gezeten is — en hij zit er altijd op — dan vormen zij het aureool, en worden hun portretten niet in de schaduw gesteld door een versierd, rond of ovaal gevaarte.

National Museum of Korea

Het National Museum of Korea gaat met ingang van dit jaar een bijzondere tentoonstelling inrichten met stukken die met behulp van de nieuwste restauratie-methoden zijn opgeknapt.
De Korea Times van 8 februari meldde dat ter gelegenheid van Boeddhadag op 14 mei 2016 voor 26 weken de rolschildering “Hanging Painting of Bukjangsa Temple” getoond zal worden. Het werd in 1688 geschilderd op een ondergrond van hennep.

bukjangsa

Jaehyuk Art beschrijft de schildertechniek en de gebruikte kleuren een beetje, niet de content. Op dat blog wordt opgemerkt dat de boeddhistische schilders “rode en groene pigmenten” gebruikten voor de afbeelding van Boeddha’s bovenkleding en de halos rond zijn hoofd.

Dat rood gebruikt werd voor Boeddha’s kleding — en overigens ook voor die van seniores in het monnikschap — is in Oost-Azië min of meer vanzelfsprekend, het is na de eerste periode waarin met boombast geverfde stukken oranje opdroogden de gebruikelijke kleur geworden, althans voor seniores, althans bij bijzondere gelegenheden. Het gebruik van de kleur groen is dan weer minder vanzelfsprekend. Dat moet een oplossing zijn geweest voor de vervanging van bijvoorbeeld donkerblauw. Vergelijk het met Van Gogh’s slaapkamermuur die lila was, maar naar blauw is vervaagd.

Wat content betreft stelt de schildering Sakyamuni (Gáutama, Gótama) Boeddha voor. Aan zijn voeten zitten de twee monniken die hem zeer na stonden, en die door het zen, overigens zonder daar bewijzen voor aan te dragen, de aartsvaders van hun meditatiepraktijk genoemd worden. Links zien we Ānanda (de jongere), en rechts Kásyapa of Kássapa (de oudere).

Dan wordt hij geflankeerd door twee bodhisattvas (verlichtte of verlichtende wezens) — hetgeen ons eveneens vertelt dat we hier met de mahāyana-invulling van het boeddhisme te maken hebben. Links zien we een figuur die een lotus vasthoudt. Dat is Samantabhádra die samen met zijn broeder Manjushri de belangrijkste bodhisattvas zijn uit het Hwa’om-boeddhisme, de leer die gebaseerd is op de Avatámsaka soetra.

De Avatámsaka-lijn legt er de nadruk op dat het hele universum gevuld is met (afschaduwingen van) boeddas die ieder voor zich precies hetzelfde verkondigen, in hun eigen “boeddhaland”, in hun eigen streektaal, met de beeldtaal die daarbij hoort.

Helemaal rechts- en links bovenaan zien we dan nog twee figuurtjes, en het zou zomaar kunnen dat dit het echtpaar is dat opdrachtgever is geweest voor het vervaardigen van deze rolschildering.